De storm rond Nathan Cofnas

Hoe de zaak-Cofnas de UGent verscheurt (en wat betrokkenen er zelf over zeggen)

Na weken van internationaal tumult en een naderende cultuuroorlog rond postdoctoraal onderzoeker Nathan Cofnas, slaagt de UGent er op 26 augustus toch in een beslissing te nemen. Drie maanden lang mag hij enkel telewerken en worden zijn onderwijsopdrachten geschrapt. Een tuchtprocedure loopt.

Tuchtprocewatte?

Een tuchtprocedure is een interne sanctieprocedure waarbij men onderzoekt of het betrokken personeelslid of een student een ernstige fout beging. Wat al dan niet een grove fout is wordt niet vastgelegd, maar een aantal voorbeelden zijn grensoverschrijdend gedrag, vandalisme, stalking, fraude, racisme, discriminatie en het niet naleven van de UGent-reglementering. In dit geval wordt Cofnas vooral onderzocht omwille van de laatste drie. Volgens rector De Sutter in De Morgen zou Cofnas zich tijdens zijn persmomenten rond de zaak Jason Arday schuldig gemaakt hebben aan racistische uitspraken en zou hij de universiteit reputatieschade berokkend hebben.

Het tuchtonderzoek werd gestart door de rector en de onderzoeker werd na een vooronderzoek door de rector en de Raadkamer in eerste plaats geschorst voor minstens een week. Momenteel wordt zijn schorsing verlengd tot drie maanden, waarin hij moet telewerken en geen onderwijzende taken mag uitvoeren. Hij blijft dus in dienst van de universiteit, maar moet zich kalm houden tot het onderzoek ten einde is. Momenteel loopt de tuchtprocedure verder; de Tuchtkamer van de UGent zal dus een dossier opstellen en er zullen een aantal hoorzittingen plaatsvinden. De gevolgen voor Cofnas zijn afhankelijk van de resultaten van het onderzoek. Ofwel wordt er hem niets ten laste gelegd en mag hij na zijn schorsing terugkeren, ofwel wordt hij ontslagen. In een post op X maakt hij zelf duidelijk de laatste uitkomst te verwachten.

 

 

Door het opstarten van de tuchtprocedure maakt het bestuur van de UGent duidelijk dat de grenzen van academische vrijheid bereikt zijn. Waar Cofnas na zijn aanwerving verdedigd werd in naam van de academische vrijheid, stelt de universiteit nu dat zijn uitspraken over Arday niet meer onder deze noemer vallen. In recente communicatie naar Belga geeft de rector aan dat de universiteit zich aan de interne regelgeving houdt en dat ze zich weg wil houden van politieke discussies die te polariserend werken.

Jason Arday

In de zomer van 2026 kwam het academische werk van Jason Arday, de jongste zwarte professor in de geschiedenis van de Universiteit van Cambridge, zwaar onder vuur te liggen. Een blogpost van Cofnas bracht substantiële tekstuele overeenkomsten tussen passages uit Ardays eerdere publicaties en ander werk aan het licht. Dr. David Harris (emeritus hoogleraar aan de Plymouth Marjon University) had Cambridge al in mei 2023 schriftelijk geconfronteerd met overlappende teksten, wat eerder leidde tot formele correcties in papers uit 2018 en 2020. Terwijl Cambridge-collega's en Britse prominenten Arday aanvankelijk verdedigden, werd hij in conservatieve media opgevoerd als het vermeende failliet van het universitaire diversiteitsbeleid. Nadat Cambridge op 5 augustus een formeel onderzoek aankondigde, diende Arday diezelfde avond zijn ontslag in. Op 14 augustus werd de 41-jarige hoogleraar levenloos aangetroffen in zijn woning.

In zijn essays bestempelde Cofnas Arday als een "random black person with an unvetted fairytale backstory"

Het tragische overlijden bracht een schokgolf teweeg, maar volgens de Londense essayist Kaveh Memari mag verdriet niet worden gerekruteerd voor een vonnis dat het niet kan dragen. In zijn open brief aan het UGent-bestuur - en in een exclusief gesprek met Schamper - roept hij de universiteit op om de zaak te benaderen zonder sentimentele vrijpleiting enerzijds of ideologische uitbuiting anderzijds: "Ik schreef mijn open brief omdat de waarheid tribaal dreigde te worden gemaakt. Het publieke debat leek twee oneerlijke compromissen te eisen: of serieus bewijs rond het werk van Arday minimaliseren omdat het ongelegen komt, of het vermeende wangedrag van één zwarte academicus misbruiken als bewijs tegen zwarte professoren en diversiteitsbeleid in het algemeen. Ik verwerp beide."

 

 

Volgens Memari ligt daar de beslissende methodologische breuklijn. Plagiaat signaleren valt onder academische integriteit, maar de politieke veralgemening die Cofnas daaraan koppelde niet. In zijn essays bestempelde Cofnas Arday als een "random black person with an unvetted fairytale backstory" en stelde hij dat diversiteitsbeleid neerkomt op het opgeven van academische standaarden. "Dr. Cofnas had het volste recht om het bewijsmateriaal te onderzoeken en zijn conclusies te publiceren", verduidelijkt Memari. "Dat recht betekent niet dat elke gevolgtrekking die hij maakte ook valide is. Het vermeende wangedrag van één persoon kan logischerwijs niet dienen als getuigenis tegen een hele bevolkingsgroep."

"De mate van media-aandacht waarmee Jason Arday in de weken voor zijn dood werd geconfronteerd, was de meest afschuwelijke en buitenproportionele gerechtelijke dwaling die ik ooit heb gezien" - Student aan de Universiteit van Cambridge 

Ook vanuit Cambridge klinkt evenwel bezorgdheid. Schamper sprak met een student die studeert aan de Cambridge-universiteit. "Mijn vrienden en ik waren er kapot van", getuigt de student. "Het voelde surreëel op de allerslechtste manier. De mate van media-aandacht waarmee Jason Arday in de weken voor zijn dood werd geconfronteerd, was de meest afschuwelijke en buitenproportionele gerechtelijke dwaling die ik ooit heb gezien. Wat zijn dood zo hartverscheurend maakte, was dat het zo voorspelbaar was. Ieder mens zou geworsteld hebben om door te gaan na wat hij doormaakte." Op de campus organiseerden studenten van Arday een wake, en aan het hek van Senate House - waar de afstudeerceremonies plaatsvinden - werden bloemen en handgeschreven briefjes achtergelaten. "Veel van ons kenden hem voordien niet, maar het is duidelijk dat hij een geliefd lid van de gemeenschap was en een inspiratie voor studenten uit etnische minderheden die zich niet op hun plek voelden in Cambridge."

Over de rol van de UGent-onderzoeker is de student scherp: "Ik denk dat de meesten van ons sterk het gevoel hebben dat Cofnas verantwoordelijk is voor het in gang zetten van deze gebeurtenissen. De meeste Britse kranten raakten opgewonden over zijn 'klokkenluiden' en namen dat over in hun berichtgeving, zonder stil te staan bij het feit dat hij een eugeneticus is met rassenrealistische motieven." Over de beslissing van de UGent om, in tegenstelling tot Cambridge destijds, wel een formeel tuchtonderzoek op te starten, meldt de student het volgende: "In zekere zin is Gent al verder gegaan en ik verwelkom het onderzoek naar hem, maar Gent besloot hem destijds ook aan te nemen, terwijl ze wisten dat hij een rassenrealist en eugeneticus was. We kunnen enkel afwachten of het onderzoek gerechtigheid brengt."

Reactie van de Blandijn

De wortels van de huidige crisis reiken terug naar het voorjaar van 2026, toen Cofnas werd aangesteld op het onderzoeksproject rond 'het geboorteprobleem van het liberalisme' onder leiding van prof. Bouke de Vries. Binnen het universitaire reglement geniet een individuele budgethouder nagenoeg volledige autonomie bij de aanwerving van personeel op projecten.

 

 

Eind mei 2026 keurde de vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen unaniem een officieel standpunt goed waarin zij de aanstelling "niet te verantwoorden" noemde en De Vries "oneigenlijk gebruik" van zijn autonomie verweet. De vakgroep achtte het ongeloofwaardig dat geen van de veertien andere kandidaten beter aansloot bij het profiel en sprak over de indruk van "doorgestoken kaart", mede omdat Cofnas nauwelijks expertise had in liberalisme of demografie. Hoewel het rectoraat destijds vasthield aan de reglementaire correctheid van de procedure, vroeg de universiteit wel een extern welzijnsonderzoek aan.

"Het is voor mij duidelijk dat het begrip academische vrijheid in dit dossier misbruikt wordt om de waarden waar de UGent al meer dan twee eeuwen voor staat te ondermijnen" - Decaan Letteren en Wijsbegeerte Gita Deneckere 

Decaan van de faculteit Letteren en Wijsbegeerte Gita Deneckere verklaart tegenover Schamper dat de faculteit pal achter de preventieve schorsing en het vooronderzoek staat: "We hebben van meet af aan onze bezorgdheid geuit over zijn nakende aanstelling en gewaarschuwd voor de mogelijke gevolgen daarvan." Volgens Deneckere legt de casus-Cofnas heel duidelijk het probleem bloot van de huidige selectieprocedures: "Als decaan pleit ik ervoor dat bij de aanwerving van onderzoekers op extern gefinancierde projecten (BOF, FWO, ERC, ...) een structureel vier-ogenprincipe wordt ingebouwd op het niveau van de vakgroep." Intussen aanvaardde de faculteit wel al de richtlijn dat in alle vacatureberichten wordt gestipuleerd dat kandidaten de deontologische code van de UGent onderschrijven. Over het bredere debat stelt de decaan: "Het is voor mij duidelijk dat het begrip academische vrijheid in dit dossier misbruikt wordt om de waarden waar de UGent al meer dan twee eeuwen voor staat te ondermijnen. We hebben twee wereldoorlogen overleefd als instelling, we zullen deze cultuuroorlog opgestookt door enkelingen zonder twijfel ook overleven. Maar het is en blijft heel erg kwalijk hoe onze universiteit nu in het brandpunt van de internationale cultuuroorlog is gesleurd."

 

Fons Van Acker

 

Ook bij de studenten Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen lokt de beslissing gemengde reacties uit. Fons Van Acker en Yelena Vande Ginste: "Enerzijds bracht het nieuws een zucht van een opluchting. Nadat de UGent maandenlang onze hulpkreten negeerde hebben ze eindelijk actie ondernomen. Anderzijds voelt de timing van de preventieve schorsing zeer ongelukkig. Ten eerste zijn we - zoals de meeste studenten en leden van de vakgroep - ervan overtuigd dat Cofnas nooit zou mogen aangeworven zijn. Ten tweede lijkt het erop dat de UGent nu pas stappen overweegt omwille van de dood van Arday. De vraag is dan of de UGent actie onderneemt omwille van een moraliteitsbesef, of omwille van pragmatische redenen - zodat de reputatieschade beperkt blijft. Dit gezegd zijnde blijft de tuchtprocedure een hoopvolle stap in de goede richting, met de nuance dat de preventieve schorsing nog geen ontslag betekent, wat voor ons de enige juiste beslissing is."

 

Yelena Vande Ginste

 

Over de sfeer op de Blandijn en de impact op het komende academiejaar stellen Van Acker en Vande Ginste: "Het voorbije semester was er een duidelijke sfeer van ongerustheid. Zowel de vakgroep als de studenten waren zeer woedend, triest en teleurgesteld dat een racist onderzoek mocht komen doen aan onze universiteit. Er was duidelijk veel weerstand van de vakgroep en van de studenten, maar die werden door het rectoraat weggewuifd. Als beginnende student starten aan een opleiding die internationaal de aandacht trekt omwille van een racist, kan moeilijk een aangenaam en veilig gevoel bieden. Ook de reputatieschade baart ons zorgen. Een racist aannemen binnen een opleiding die veel waarde hecht aan moraliteit en ethiek, voelt heel hypocriet."

 

 

Namens studentenraad StuArt reageert vicevoorzitter Robin Saccasyn: "We vinden de reactie op zich wel gepast, maar verre van tijdig. We zijn weliswaar blij dat de schorsing er eindelijk gekomen is, maar die verwoording zegt ook genoeg. We zijn diep bezorgd dat het zo lang heeft moeten duren om een tuchtcommissie te moeten starten voor een onderzoeker die a priori al niet voldeed aan de vereisten van de deontologische code. De problematische statements en onderzoeken die Cofnas verspreidt, zijn vooral problematisch omdat ze uitgaan van een achterliggende politieke agenda, wetenschappelijk op vrij weinig gebaseerd zijn, en vooral flagrant de principes van de academische integriteit schenden. Dat laatste is zowaar een minstens even groot gevaar voor de universiteit en haar geloofwaardigheid."

Over de bredere onrust binnen de verschillende opleidingen aan de Blandijn stelt Robin: "Onder het dak van de Blandijn huizen opleidingen zoals de slavistiek, afrikanistiek, japanologie en sinologie. Cofnas' aanwezigheid aan onze faculteit zorgt door zijn laatdunkendheid en regelrechte afkeer van de culturen en talen waarin we ons onderdompelen dan ook voor veel verontwaardiging, en voor sommigen zelfs voor gevoelens van onveiligheid, aangezien zijn racistische discours zelfs gewoon een persoonlijke aanval is op een deel van de studenten aan onze faculteit. Het staat ook volledig haaks op de inzichten van die richtingen, maar vooral ook gewoon op de wetenschappelijke consensus die we aangeleerd krijgen in het eerste bachelorjaar in de faculteitsbrede basisvakken."

"Mocht de deontologische code dan ook zo toegepast worden, zou iemand als Cofnas al onmiddellijk afgeschreven kunnen worden" - Robin Saccasyn (Vicevoorzitter StuArt)

Wat het beleid en de noodzakelijke stappen naar de toekomst toe betreft, wijst de vicevoorzitter van de studentenraad naar het centrale niveau: "Het grote probleem is dat de deontologische code in de praktijk niet toegepast wordt. We vinden het verbazingwekkend dat nieuwe onderzoekers, maar ook al het andere personeel in het algemeen, niet vooraf getoetst worden aan de deontologische code. Mocht de deontologische code dan ook zo toegepast worden, zou iemand als Cofnas al onmiddellijk afgeschreven kunnen worden, en zou de situatie waarin we ons nu bevinden zich niet voordoen. We hopen dan ook dat de universiteit hiervan zal leren en de deontologische code zal beginnen toepassen op nieuwe leden bij de aanwervingsfase, en niet enkel bij reeds aangeworven personeel. Dit moet ook perfect mogelijk zijn; studenten moeten namelijk al sowieso bij hun inschrijving zich ertoe verbinden de deontologische code te respecteren. Aan de andere kant zijn we op facultair niveau best tevreden. Het faculteitsbestuur voelt aan als een solidair blok dat naar de studenten luistert en met dezelfde doeleinden en visie op de zaken handelt."

"De polarisatie die we nu in de media zien, is er intern helemaal niet" - Decaan Letteren en Wijsbegeerte Gita Deneckere 

Dat laatste wordt ook bevestigd door Deneckere: "Het verheugt me dat er binnen de facultaire gemeenschap zo'n grote consensus bestaat over deze kwestie, in alle geledingen. De polarisatie die we nu in de media zien, is er intern helemaal niet. Het sterkt me in de overtuiging dat onze universiteit en faculteit heus wel sterk en robuust genoeg zijn om de provocaties van een kleine minderheid te trotseren. We houden het vaandel van onze kwaliteitsvolle opleidingen hoog en laten niet toe dat het werkklimaat vergiftigd wordt door pseudo-wetenschappelijke onzin. Punt. Heel de Cofnas-heisa toont ook aan hoe cruciaal ons diversiteits- en inclusiebeleid is voor het welzijn van de academische gemeenschap."

Students Against Cofnas

Niet alleen binnen de officiële studentenorganen klinkt er verzet; ook vanuit de bredere studentengemeenschap verenigt het protest zich al maanden. Het actiecomité Students Against Cofnas formuleerde haar positie en kritiek op het universiteitsbeleid in een scherp statement aan onze redactie: "Zoals jullie wel weten, is Students Against Cofnas de naam die we gaven aan een amalgaam van studenten dat na de aanstelling van Nathan Cofnas actie hiertegen wilde ondernemen. Vanaf dan hebben we één duidelijke boodschap: racistische pseudowetenschap zou tot het verleden moeten behoren, niet de universiteit."

 

 

"We spreken over 'racistische pseudowetenschap', enerzijds omdat hij veel sterker overtuigd is van zijn ideeën dan dat hij ze kan onderbouwen. Zijn voornaamste argument is dat hij er zelf sterk in gelooft, dat hij ervan overtuigd is. Dit betekent echter niets. Je moet ook bewijzen hebben. Dat weten hij en zijn kompanen ook, dus doen ze hun ideeën wetenschappelijk lijken via dubieus onderzoek, waarin ze elkaar citeren, parafraseren, en statistieken incorrect interpreteren. Hun 'onderzoek' is kortom het papier niet waard waarop het gedrukt is. Anderzijds zijn deze ideeën racistisch, want ze maken een onbewezen onderscheid tussen onbestaande 'biologische rassen'. Échte biologen zijn echter duidelijk: er bestaan geen menselijke rassen en verschillen in intelligentie zijn dus niet te herleiden hiertoe."

"De UGent rolt de rode loper uit voor de fantast, en legitimeert hiermee zijn pseudowetenschap. Zo verliest ze haar geloofwaardigheid, en wij de onze" - Students Against Cofnas

"De Universiteit van Gent geeft academische legitimiteit aan deze racistische pseudowetenschap, en verliest zo haar geloofwaardigheid. Daarom zeggen we: niet in onze naam. Racistische pseudowetenschap zou tot het verleden moeten behoren, niet de universiteit. Laat me een klein voorbeeld geven om dit te duiden. Als twee mensen discussiëren of het buiten regent, dan kunnen ze heel veel goede argumenten geven. Het beste argument om de ander te overreden, is en blijft toch door het raam naar buiten kijken of het regent. Dat is wetenschap. Om het even hoeveel mensen door het raam hebben gekeken, de volgende persoon die binnenkomt en zich in de discussie mengt, mag altijd opnieuw door het raam kijken om te zien of het regent. Die mag ook om het even welke andere hypothese verifiëren, bijvoorbeeld 'het hagelt'. Dat is academische vrijheid. Maar stel dat iemand nu naar binnen komt, iets over het weer poneert, maar in de plaats van door het raam te kijken een raam schildert naast het echte raam en daardoor kijkt; dan hoort die er niet meer bij. Juist omdat hij niet meer door het echte raam kijkt, maar naar het geschilderde wijst. Hoezeer deze ook overtuigd is van z'n gelijk, dat doet er helemaal niet toe. Daar gaat het niet over. Het gaat erover welk weer het is buiten, en of die door het raam heeft gekeken. Het gaat niet over de overtuiging van één of ander geschilderd raam. Het gaat over de feiten en de methode om deze te zoeken. Het is de taak van de universiteit om de deurbewaker te zijn en te zorgen dat enkel degenen die door het raam kijken binnen mogen."

"De UGent doet het omgekeerde. Ze rolt de rode loper uit voor de fantast, en legitimeert hiermee zijn pseudowetenschap. Zo verliest ze haar geloofwaardigheid, en wij de onze."

"Door Cofnas de eerste maanden uit het zicht te halen, wil de UGent de commotie in het begin van het academiejaar vermijden" - SAC

"De uitkomst van het tuchtrechterlijke onderzoek is een universiteit die tijd wil kopen, even adem nemen. Door Cofnas de eerste maanden uit het zicht te halen, wil de UGent de commotie in het begin van het academiejaar vermijden. Zo hopen ze dat hij uit de media blijft én dat de bezorgde studenten en het academisch personeel hem vergeten. Maar het probleem is niet dat hij in de media komt, het probleem is dat de UGent academische legitimiteit schenkt aan racistische pseudowetenschap. Zolang dat gebeurt, zal hij in de media blijven komen, en zullen vele medewerkers en studenten bezorgd blijven. Zolang de universiteit zijn aanstelling blijft goedpraten, verliest ze haar laatste greintje geloofwaardigheid. De oplossing is dus niet Cofnas beperken. De oplossing is om te stoppen met racistische pseudowetenschap te legitimeren. Daarom zullen wij ons blijven verzetten tegen de aanstelling van Nathan Cofnas. Racistische pseudowetenschap behoort immers tot het verleden, niet de universiteit."

Wereldwijde steunbetuigingen voor Cofnas 

Daarnaast beroert de zaak-Cofnas ook op het politieke toneel de gemoederen. Twee dagen na de schorsing van de Amerikaanse filosoof reageerde namelijk Bill White, in het najaar door Trump benoemd als ambassadeur van de VS in België. Op X en in een persbericht stelt hij dat zijn ambassade de schorsing van Cofnas ten strengste veroordeelt en dat ze haar relatie met de UGent wil herbekijken. Volgens White wil de universiteit Cofnas namelijk het zwijgen opleggen omdat hij "leugens, fraude en valse ideologieën" aan het licht brengt. De "corrupte" UGent zou hem willen straffen voor zijn "accurate onderzoek" over Jason Ardays academische fraude. In een recentere post op X klonk de ambassadeur echter opvallend milder en liet hij weten tevreden te zijn dat Cofnas opnieuw aan het werk is, waarbij hij rector Petra De Sutter bedankte voor het oplossen van de situatie en uitkeek naar een aankomend bezoek aan de UGent. Daarnaast sprak hij zijn dank uit aan iedereen die de onderzoeker steunde, met een speciale vermelding voor Elon Musk vanwege diens rol in het creëren van internationale aandacht voor het dossier.

 

 

Ondertussen ondertekenden ook al meer dan 800 academici, waaronder professoren uit gerenommeerde instellingen als Oxford en Cambridge, een open brief ter ondersteuning van Cofnas. Net als White vrezen ze dat de disciplinaire maatregelen die tegen hem werden getroffen (deels) een vergelding zijn voor "de publicatie van academisch wangedrag dat plaatsvond aan Britse universiteiten". Ze stellen juist dat dit een essentieel deel is van academische vrijheid en roepen rector De Sutter op om de vrijheid van Cofnas te vrijwaren. Schamper contacteerde vijftien willekeurige academici die de brief ondertekenden met telkens drie dezelfde vragen. Hier volgt een greep uit hun antwoorden. Over het algemeen beschouwen de ondergetekenden Cofnas' schorsing als een reactie op diens 'klokkenluideractiviteiten' over Ardays werk. Hierbij verwijzen zij naar de timing en de inhoud van het statement van de UGent. Daarin komt Ardays naam immers meermaals voor. Onze respondenten stellen bovendien dat Cofnas' schorsing de internationale reputatie van de universiteit niet onbeschadigd laat.

"Het is betreurenswaardig dat een instelling die intellectuele grootheden als Adolphe Quetelet en Henri Pirenne heeft voortgebracht, zo diep kan zinken" - Professor sociologie Michael Biggs (Oxford)

Professor sociologie Michael Biggs (Oxford), die de brief mee opstelde, vertelt het volgende: "De Universiteit Gent heeft de internationale gemeenschap duidelijk gemaakt dat zij de academische vrijheid niet beschermt en de wetenschappelijke integriteit niet hooghoudt. Het is betreurenswaardig dat een instelling die intellectuele grootheden als Adolphe Quetelet en Henri Pirenne heeft voortgebracht, zo diep kan zinken. Het is daarbij opvallend dat verschillende academici van de Universiteit Gent onze brief hebben ondertekend, wat volgens mij getuigt van echte intellectuele integriteit. Ik ben ervan overtuigd dat nog veel meer studenten en personeelsleden aan de UGent dezelfde gevoelens delen, maar - terecht - zeer bang zijn voor mogelijke bestraffing."

 

 

Onder andere chemicus Jeremy Harvey (KU Leuven), die zijn naam onder de brief zette, treedt hem bij: "De beslissing van de Universiteit Gent - zelfs rekening houdend met de poging om die beslissing voor te stellen als gemotiveerd door andere redenen - werpt geen gunstig licht op de houding van de Universiteit Gent tegenover academische vrijheid of wetenschappelijke integriteit. Als Belgische academicus betreur ik dat."

Andere academici beargumenteren daarnaast dat de zoektocht naar waarheid en kennis het voornaamste doel moet vormen voor een universiteit. Bezorgdheden van de universitaire gemeenschap zouden hieraan ondergeschikt zijn. Filosoof Alex Byrne van de Massachusetts Institute of Technology (MIT) stelt het als volgt: "Er valt geen grens te trekken (tussen de plicht van de UGent om academisch onderzoek te verdedigen en te zorgen voor haar universitaire gemeenschap, red.). Universiteiten zijn geen kleuterscholen - ze moeten de academische vrijheid verdedigen, punt."

Cofnas mag dan toch blijven

 

 

Dinsdag 26 augustus kondigde de UGent echter een nieuwe ordemaatregel aan. Nathan Cofnas mag blijven, maar zijn onderwijsopdrachten worden drie maanden lang geschrapt. Ook mag hij enkel telewerken. Los hiervan gaat de universiteit na of tuchtrechtelijke stappen aan de orde zijn. Rector De Sutter verwerpt bovendien de kritiek dat de UGent de academische vrijheid van Cofnas aan banden legt. In de krant De Morgen stelt ze het volgende: "Zeggen dat wij zelf de academische vrijheid beknotten, dat klopt helemaal niet." Heel wat critici kennen ook de kern van de zaak niet, zegt ze. "Ik zie alleen maar dat de argumenten die aangehaald worden in de publieke discussie niet gaan over de grond van de zaak." Cofnas zelf reageerde positief op de beslissing en bedankte De Sutter expliciet op sociale media.

De geïnterviewde student uit Cambridge getuigt anoniem. De volledige identiteit is bekend bij de redactie. 

Schamper legde ook gerichte vragen voor aan rector Petra De Sutter en de universitaire persdienst. Zij beslisten om de redactie niet te woord te staan met inhoudelijke antwoorden.

0
Gemiddeld: 5 (2 stemmen)

Reacties

Bericht: 
Dit is een zeer interessant artikel; vooral volledig en duidelijk. De conclusies worden tenslotte genomen door de lezers, en dat is belangrijk.

Bericht: 
De reden waarom prof. Jason Ardey zelfmoord pleegde ligt niet bij Nathan Cofnas maar bij hemzelf. Alle ballonnetjes die hij opgelaten had en waarmee hij Up-gewijs de positie in Cambridge bekwam werden één voor één doorprikt door The Guardian die nu niet direct een rechtse krant te noemen is (alle artikelen zijn gratis en volledig te lezen op hun website – zoek op "Ardey"). Na het doorprikken van zijn bij mekaar gelogen leven viel hij zo hard neer dat zelfmoord nog de enige optie was; dit gezichtsverlies was voor iemand als hij te groot en onoverkomelijk (mogelijk zouden er zelfs gerechtelijke implicaties zijn gelet op zijn leugens die toch wel vrij verregaand waren). Er zijn trouwens ook artikels van studenten uit vorige universiteiten waar hij les gaf die aangeven dat hij onbekwaam was voor wat hij moest onderwijzen.

Reactie toevoegen